
Het verdwijnen van de strippenkaart is een enorme strop voor de tabaks- en gemakswinkels in Amsterdam. Vandaag is de laatste dag dat het papieren vervoerskaartje verkocht mag worden en dat betekent voor sommige zaken een omzetderving van enkele tienduizenden euro's.
Zo zijn Wim van Vuure en Jan Monnik van de tabakswinkel aan het Osdorpplein helemaal niet blij met het verdwijnen van de kaart, die per 3 juni ook niet meer geldig is in het openbaar vervoer in de regio Amsterdam. Per verkochte kaart ontvingen de eigenaren 16 cent. "Dat lijkt misschien weinig, maar alle beetjes samen loopt al snel op. Wij lopen op jaarbasis zo'n twintigduizend euro mis. Dat is een hoop geld, kan ik je vertellen", zegt Van Vuure, die één van de laatste kaarten aan zijn klanten verkoopt.
Hij denkt dan ook dat er behoorlijk wat collega's het zo zwaar gaan krijgen dat het nog maar de vraag is of zij hun hoofd wel boven water kunnen houden. "De tabaksindustrie staat al zo zwaar onder druk. Er rust inmiddels een taboe op roken, dus dat werkt ook al niet mee. Het zou mij niets verbazen als er een paar omvallen door dit geintje."
Gert Koudijs, secretaris NSO, de brancheorganisatie voor tabaks- en gemakswinkels, denkt dat dat laatste wel mee zal vallen. "Ik denk niet dat er direct zaken failliet zullen gaan. Maar een hoop winkeltjes zullen het wel lastig krijgen", erkent hij.
Volgens Koudijs krijgen de zaken die officieel verkooppunt voor ov-chipkaarten blijven, nog wel een vergoeding. "Ze maken ruimte voor het apparaat en daar worden zij voor gecompenseerd. Maar omdat de ov-chipkaart ook via internet verkrijgbaar is, hebben vervoersmaatschappijen veel minder verkooppunten nodig. Dus in heel Nederland zullen er enkele honderden tabaks- en gemakszaken zijn die niet langer openbaarvervoersbewijzen zullen verkopen. En die gaan dat wel voelen..."














